Entries tagged as ‘leren’
‘Consumentenbond vreest chaos in het openbaar vervoer’ , ‘Begrijpen nieuwe kaart vereist universitaire opleiding’, ‘Bejaarden in de problemen’ – nee hoor, dit gaat niet over de invoering van de OV-chipkaart, maar over de invoering van de strippenkaart in 1980, zo schrijft het AD begin deze maand. Niks nieuws onder de zon dus. Toen waren we bang voor de strippenkaart, nu zijn we bang voor de OV-chipkaart. Het moet gewoon even wennen. Zoals we ook ooit moesten wennen aan geld halen uit de muur in plaats van aan de balie in de bank, of bellen met druktoetsen in plaats van een draaischijf en later zelfs mobiel.

Straks geen treinkaartje meer, maar gewoon even chippen
Waarom reageren mensen zo op iets nieuws? Waarom omarmen we de nieuwe mogelijkheden niet en houden we vast aan het oude? Dat komt omdat we routines hebben, vaste gewoontes. Een vaste manier om bepaalde dingen te doen. Saai? Nee hoor, noodzakelijk zelfs. Stel je voor dat je elke dag weer moest bedenken wat je voor je ontbijt wilt en hoe lang je zal gaan douchen. Of elke keer weer moet uitvinden hoe je zorgt dat de aardappels even snel klaar zijn als de groente. Of wat je ook al weer allemaal moet doen bij het wegrijden – gordel om, autoradio aan, licht aan, spiegels checken, richting aangeven…
Mensen hebben routines nodig om hun weg te vinden in het dagelijks leven. Handelingen als fietsen, autorijden, je haar wassen en dergelijke worden ingesleten, je hoeft er niet meer bij na te denken. Dat spaart een hoop tijd en laat ruimte over om te reageren op afwijkende gebeurtenissen en nieuwe dingen te leren. Behalve dat routines ons dus efficiënter laten operen, zijn we persoonlijk ook erg gesteld op onze routines. Kijk maar eens om je heen op de camping: binnen de kortste keren hebben we een vaste routine, waarbij we ’s ochtends brood halen bij dat leuke bakkertje en ’s middags altijd op dat ene terrasje neerstrijken voor een colaatje. Liefst aan hetzelfde tafeltje natuurlijk.
Veranderingen die onze routines doorbreken, zijn daarom niet welkom. We moeten weer een nieuwe routine gaan opbouwen en dat kost tijd en moeite. De introductie van de OV-chipkaart gaat ook nog eens gepaard met een hoop politiek geharrewar en twijfels aan de betrouwbaarheid, wat de overstap nog moeilijker maakt. Een daadkrachtige en goed geplande introductie zou het voor ons gewoontediertjes veel gemakkelijker hebben gemaakt.
Categorieën: maatschappij
getagged: gedrag, leren
In het MBO is men bezig met een grootschalige onderwijsvernieuwing, de invoering van het competentiegericht onderwijs – soms ook ‘het nieuwe leren’ genoemd. Wat is er eigenlijk ‘nieuw’ aan dat nieuwe leren?
Daar verschillen de meningen over. Sommigen beschouwen het als oude wijn in nieuwe zakken, anderen zien het als een enorme revolutie, waarbij leren vanuit een heel nieuw oogpunt bezien wordt.
Maar wat is het dan precies? Ook daar verschillen de meningen over. Als je het begrip ‘competentie’ googelt, dan krijg je tientallen, zoniet honderden verschillende definities. Iedereen spreekt over competenties, maar we weten niet van elkaar wat we bedoelen…
Toch zijn er wel wat algemene kenmerken te noemen, die het huidige onderwijs in het MBO typeren. Klassikaal onderwijs, huiswerk en boeken – ze komen nog wel voor, maar vormen niet meer de kern van het hedendaagse onderwijs. Modern MBO is praktijkgericht: leerlingen leren in en van de praktijk, al vroeg in de opleiding. Leren door opdrachten uit te voeren in de échte beroepspraktijk – onder begeleiding natuurlijk. Ook zien we dat kennis en vaardigheden niet langer op zichzelf staan, maar geïntegreerd worden aangeboden. Kennis en vaardigheden worden in het kader van concrete opdrachten aangeleerd, zodat ze direct betekenis hebben voor de leerling. De vraag – waarom moet ik dit leren – zou een leerling niet meer moeten stellen in het competentiegerichte onderwijs. Integendeel, de leerling wordt geacht zélf met leervragen te komen.
Volgens mij een mooi uitgangspunt, maar helaas komt het nog niet altijd uit de verf. Competentiegericht onderwijs kent nog vele kinderziektes, die de komende jaren overwonnen moeten worden. Een sceptische, maar heel herkenbare en grappige kijk op ‘het nieuwe leren’ vanuit de ruimte, zie je in dit filmpje: http://nl.youtube.com/watch?v=8NvNYuVx0j8
Categorieën: competentiegericht onderwijs
getagged: competenties, leren, mbo
oktober 13, 2008 · 1 Reactie
Heb je werk waar je veel moet denken of een hobby waarbij je je helemaal verdiept in een bepaald onderwerp? En kun je jezelf dan helemaal er in verliezen? Dat lijkt mooi, werk waar je niet meer mee wilt stoppen, maar volgens de Keulse psycholoog Feist kan dat ook een teken van depressie zijn… De een grijpt naar de fles, de ander zoekt een intellectuele uitdaging om zichzelf af te leiden van zijn problemen, zo blijkt uit zijn onderzoek (Psychologie Magazine, oktober 2007).
Mensen die niet depressief zijn, beleven de meest positieve gevoelens als zij rustig en ontspannen zijn. Mensen die kenmerken van depressiviteit vertonen, voelen zich echter het best als zij denkarbeid verrichten. Welbevinden is voor deze mensen niet verbonden met ‘rust’, maar aan bijvoorbeeld ‘interesse’ of ‘fascinatie’.
Volgens Feist is dat op de lange termijn geen gezonde manier van omgaan met depressieve gevoelens. Het helpt slechts een beetje en je moet steeds meer doen om het effect te bereiken – steeds harder werken dus.
Ben jij ook zo’n geïnteresseerde, gedreven en gefascineerde harde werker (waar iedere baas van droomt)? Zoek het dan eens in fysieke ontspanning en leer je geluksgevoel weer te verbinden met ontspanning en rust. Iets waar de gemiddelde kat over het algemeen meester in is… voor ons een goed idee om ‘copycat’ te spelen misschien.

Relaxte kat heeft geen last van werkstress, foto genomen in Istanbul
Categorieën: gezondheid
getagged: gezondheid, leren, stress, werk
Afgelopen zondag (21 september) was het Wereld Alzheimer Dag. De ziekte van Alzheimer is de meest voorkomende oorzaak van dementie. Geschat wordt dat 60 tot 70 procent van de dementerenden lijdt aan Alzheimer. De rest heeft een andere ziekte, zoals Parkinson, Korsakov of de ziekte van Pick.
De hersenen van een Alzheimerpatiënt verschillen van de hersenen van een gezonde oudere. Er ontstaan zogenaamde ‘plaques en tangles’. Plaques zijn ophopingen van een soort eiwit (amyloïd) tussen de zenuwcellen, waardoor de overdracht tussen de cellen niet meer goed loopt. Je kunt het je voorstellen als een soort wegblokkades, de ‘bergen’ eiwit belemmeren het verkeer tussen de ene en de andere cel. Ook de zenuwcellen zelf worden uiteindelijk aangetast, door de vorming van tangles. Zo’n tangle is een kluwen van draadvormige eiwitten in de cel zelf, zodat de cel niet meer goed zijn werk kan doen. Het brein verschrompelt als het ware.

Links een gezond brein, rechts het brein van een Alzheimerpatiënt (www.alzheimer-nederland.nl)
Deze verstoorde overdracht tussen de cellen heeft natuurlijk allerlei gevolgen. Vooral het leervermogen wordt aangetast. Iets nieuws leren gaat steeds slechter. Onthouden van dingen die je net gezien en gehoord hebt ook. Op den duur worden ook dingen die langer geleden geleerd zijn vergeten. Zo kan iemand met Alzheimer bijvoorbeeld vergeten hoe hij zichzelf moet wassen of herkent hij zijn kinderen niet meer. Ook verandert de patiënt vaak van karakter en heeft hij last van wisselende stemmingen. Uiteindelijk kan hij niets meer zelf en moet hij overal bij geholpen worden.
Categorieën: werking van het brein
getagged: gezondheid, hersenen, leren
Op een hongerige maag leert het beter… althans volgens de Yale University in de VS (Psychologie Magazine, mei 2006). Daar is ontdekt dat gezonde trek geheugenprestaties verbetert. Dat heeft te maken met het zogenaamde ‘hongerhormoon’ ghreline, dat in de maag wordt aangemaakt op het moment dat daar weinig of geen voedsel in zit. Via het bloed reist het hongerhormoon van de maag naar het brein. Daar verbindt het hormoon zich onder meer aan zenuwcellen in de hippocampus, het hersengebied dat betrokken is bij leerprocessen en het geheugen. De aanwezigheid van het hormoon in de hippocampus zorgt voor meer verbindingen. En meer verbindingen in het brein is synoniem voor betere prestaties.
Dus … laat deze lekkere chocolademousse maar staan, daar word je slim van! (En slank…).

Hemelse modder, gemaakt tijdens een kookworkshop bij ‘Op De Brusse’ in De Heune.
Categorieën: werking van het brein
getagged: gezondheid, hersenen, leren
Afgelopen maandag was het de zevende dag van de zevende maand. Een bijzondere dag, want dat is de dag van het Sprookje. In veel sprookjes heeft het getal zeven een bijzondere betekenis (denk aan de zeven dwergen en zevenmijlslaarzen), vandaar.

Elfje in Droomvlucht, De Efteling
Sprookjes zijn leuk, spreken tot de verbeelding en laten ons even wegdromen uit de werkelijkheid. Veel sprookjes zijn oude volksvertellingen, waarin een duidelijke moraal is opgenomen, die ons moet leren ons als een goed mens te gedragen. Goed en kwaad zijn meestal duidelijk te onderscheiden – de boze heks en onschuldig Sneeuwwitje – en goed gedrag wordt op het eind altijd beloond. Assepoester krijgt haar prins.
Uit onderzoek van de Efteling en DOC Volksverhaal (www.docvolksverhaal.nl) blijkt dat 88% van de ondervraagde Nederlanders een sprookjesboek in zijn of haar bezit heeft. Gemiddeld heeft de Nederlander er zelfs zeven (!) in de kast staan…
Deze zeven sprookjesboeken zouden heel wat stof tot voorlezen kunnen brengen en 41% doet dat dan ook. Maar 59% van de ondervraagden leest dus kennelijk nooit een sprookje voor! En dat is jammer, niet alleen omdat het goed is onze volksverhalen te bewaren, maar ook omdat het goed is voor de taalontwikkeling van onze kinderen.
Kinderen leren door voorlezen teksten beter te begrijpen. De woordenschat wordt groter en door het leren herkennen van stijlfiguren wordt het begrip van de tekst vergroot. Ook leert het kind signaalwoorden herkennen, waardoor de samenhang van een tekst beter doorzien wordt. Door regelmatig voorlezen leert het kind sneller en beter lezen op school (www.aob.nl).
Gezien de aandacht die er op dit moment door de overheid geschonken wordt aan taalontwikkeling – denk aan het bestrijden van analfabetisme, het project ‘het begint met taal’ en de verscherpte taaleisen in onder meer het middelbaar beroepsonderwijs – is dat geen bericht om naar het sprookjesrijk te verwijzen.
Dus zorg ervoor dat je zeven dagen per week voorleest uit een van je zeven sprookjesboeken en je kind zal nog lang en gelukkig lezen. En dat is geen sprookje!
Categorieën: maatschappij
getagged: cultuur, feestdag, leren, mbo, taal
De gelukkigste mensen wonen in Denemarken, zo blijkt uit een onderzoek onder 80.000 mensen in 178 landen, uitgevoerd door de universiteit van Leicester. Zwitserland en Oostenrijk staan respectievelijk op de tweede en derde plaats in de rangorde van gelukkige landen. Ook wij Nederlanders mogen niet klagen: ons land neemt de vijftiende plaats in op de lijst. In Zimbabwe of Burundi wil je liever niet wonen, deze landen staan onderaan de lijst.
De belangrijkste reden voor ons geluk is in de eerste plaats gezondheid, maar ook rijkdom en opleiding zijn belangrijke factoren volgens de onderzoeker (www.elsevier.nl). Deze factoren beïnvloeden elkaar onderling: als er eentje weg valt, heeft dat direct gevolgen voor de mate van geluk die je ervaart.
Maar ja, het land waar je geboren wordt kies je niet. Kun je dan verder niets meer aan je geluk veranderen? Volgens psycholoog Martin Seligman wel. Hij stelt, als bedenker van de zogenaamde ‘positieve psychologie’, dat we veel te veel geneigd zijn om te kijken naar wat er allemaal niet goed is en wat we niet kunnen. In plaats daarvan zouden we veel meer onze sterke punten, talenten en mogelijkheden moeten benutten en dan worden we vanzelf gelukkig (Gelukkig zijn kun je leren, Martin Seligman, 2002). De dame op deze foto lijkt daar in elk geval in te slagen.

Lachende dame tijdens de optocht van Rio aan de Rijn, Arnhem, 2007
Voor coaching is dit een belangrijk uitgangspunt. Natuurlijk kan het nut hebben om eens te kijken naar welke zwakke punten je hebt en hoe je deze kunt verbeteren, maar het levert veel meer op om te kijken waar je talenten liggen. Als je er in slaagt een baan te vinden waarin je je talenten kunt inzetten en verder ontwikkelen, zul je daar zeker gelukkig(er) van worden.
Dus zoek uit waar je talenten liggen en verhuis naar Denemarken: dan kan het niet meer stuk!
Categorieën: gezondheid
getagged: coaching, emoties, leren, psychologie
Het is bijna zover: op 1 juli mag er in de horeca niet meer gerookt worden. Persoonlijk vind ik dat goed nieuws, eindelijk uit eten zonder sigarettenrook en zuurstofgebrek als ongewenst bijgerecht!
Hopelijk grijpen mensen dit ook aan om helemaal te gaan stoppen met roken. Dat lijkt ook wel logisch, toch? Steeds minder plekken waar het nog mag, veel makkelijker als je niet meer moet…
Voor je gezondheid is het beter, dat is inmiddels wel bekend. Minder bekend is misschien ook het effect dat roken heeft op je brein. Nicotine heeft namelijk een slechte invloed op je denkvermogen. Zo heeft het roken van een sigaret als gevolg dat je vier uur later minder logisch en wiskundig inzicht hebt, wat je merkt aan een langzamere manier van werken en het maken van meer fouten. Ook je korte termijn geheugen wordt aangetast (zie ook www.like2learn.nl )
Dus als de man op deze foto wil winnen, kan hij beter zijn sigaret weggooien.

Thee, spelletje en sigaretje in Istanbul.
Categorieën: gezondheid
getagged: gezondheid, hersenen, leren
In het mbo wordt hard gewerkt aan de invoering van het ‘competentiegerichte onderwijs’. Eén van de kenmerken van dit type onderwijs, is dat er niet meer vanuit ‘vakken’ gedacht wordt, maar vanuit logische combinaties van kennis en vaardigheden, die nodig zijn om problemen in de praktijk op te lossen. Dus niet meer een rooster, waarin je in een uur per week leert lassen, in een ander uur nederlands leert en in weer een ander uur wiskunde. Waarbij dan de leraar lassen geen idee heeft wat de lerares wiskunde die week doet.
Competentiegericht onderwijs probeert dat anders aan te pakken. De leerling werkt aan opdrachten, die een relatie met de praktijk (zijn toekomstige beroep!) hebben en waarin kennis en vaardigheden vanuit verschillende disciplines een rol spelen. Dus de leerling moet én Nederlands kunnen lezen én wiskundige formules kunnen toepassen én kunnen lassen om zijn opdracht uit te kunnen voeren…
Zulke ‘geïntegreerde’ opdrachten doen natuurlijk wel een beroep op de docent. Je moet creatief zijn, je kunnen verplaatsen in de leerling en vakoverstijgend kunnen denken om dit soort opdrachten te bedenken. Een leuk voorbeeldje vond ik bij de BBC:
www.bbc.co.uk/schools/ks2bitesize/games/questionaut/pop.shtml.
Je ziet een mannetje in een luchtballon. Dit mannetje surft met zijn luchtballon steeds naar een hoger gelegen planeet. Daarvoor moet hij wel steeds zijn ballon bijvullen. Dat kun jij voor hem doen, door steeds een aantal vragen die je gesteld worden, goed te beantwoorden. Daarvoor heb je kennis nodig van de Engelse taal, natuurkunde, biologie en rekenen. Maar… ook je digitale skills heb je nodig. Want op elke nieuwe planeet moet je uitvinden wat je moet doen om de vragen te zien te krijgen. Zonder instructies… gewoon logisch nadenken of ‘trial and error’.
Echt geïntegreerd dus! (En het ziet er nog mooi uit ook).
Categorieën: competentiegericht onderwijs
getagged: competenties, leren, mbo, onderwijs
Weet je nog? Die grote gymzaal, gevuld met tafeltjes en stoelen, de leraar die met een ernstig gezicht de gesloten envelop omhoog houdt… je zou er weer zweethandjes van krijgen, toch?

Potloden
Veel leerlingen hebben dat dezer dagen in elk geval wel, zo blijkt uit een onderzoek van Malmberg, een uitgever die leermiddelen maakt. Leerlingen zijn vooral bang om het nèt niet te halen (een tiende te weinig). Maar ze zijn ook bang het niet af te krijgen, niet genoeg geleerd te hebben of om een ‘black out’ te krijgen (www.malmberg.nl).
De meeste angst hebben de vmbo-ers. Veel meer dan havo- en vwo leerlingen zijn zij bijvoorbeeld bang om te laat te komen, het examen niet af te krijgen of om het verkeerde geleerd te hebben. Met name dat laatste vind ik veelzeggend.
Het is bekend dat leerlingen de neiging hebben om zich bij het leren te richten op wat er bij het examen gevraagd wordt, ze leren dus heel selectief en laten zich leiden door de beoordeling. Dat is niet wat we eigenlijk zouden willen, want leren doe je immers niet voor het examen, maar voor je toekomst.
Opvallend is ook dat het juist de vmbo-leerlingen zijn die hier bang voor zijn. Kennelijk hebben vmbo-leerlingen er veel minder vertrouwen in dat zij de goede keuzes hebben gemaakt, dan havo- en vwo leerlingen. Dat blijkt ook uit het feit dat vmbo-ers na afloop graag hun antwoorden willen controleren. Dat doen zij veel meer dan havo- en vwo leerlingen, zo blijkt uit het Malmberg onderzoek.
Hoe het komt dat juist vmbo-leerlingen zo onzeker zijn over hun examenprestaties, staat niet vermeld op de site van Malmberg. Maar daar kunnen verschillende oorzaken een rol bij spelen. Zo zijn de vmbo-leerlingen met hun zestien jaar gemiddeld net een jaartje jonger dan havisten en zelfs twee jaar jonger dan hun vwo-collega’s. Zestien jaar is een leeftijd waarop je zelfbewustzijn nog lang niet ontwikkeld is, het brein is dan nog heel hard bezig om dat voor elkaar te krijgen.
Verder kunnen natuurlijk leerproblemen een rol spelen, die op het vmbo gemiddeld wat vaker voorkomen dan op het havo en vwo. En ten slotte zou je als vmbo-leerling vanzelf wel onzeker worden van de vaak negatieve berichtgeving in de media over het vmbo. Jammer, want de meeste vmbo-leerlingen vervolgen hun schoolloopbaan in het mbo, waar zij een beroep leren waar wij wat aan hebben in de samenleving.
Maar ja, eerst nog even het examen halen…
Categorieën: stress
getagged: examens, leren, onderwijs, stress