Stapsgewijs’ Blog

Entries tagged as ‘gedrag’

Ziek van internet

april 22, 2009 · Laat een reactie achter

Het internet is niet meer weg te denken uit ons leven. Telefoonnummers, treintijden, recepten, informatie over je vakantieland, de plannen van je gemeente  -  even googlen en je weet het.  Voer google met een willekeurig woord en je krijgt tienduizenden, honderduizenden of zelfs miljoenen hits over je heen. Bijvoorbeeld paardenbloem levert 42.400 hits op, stofzuiger 1.490.000 en sinterklaas maar liefst 3.260.000! Maar hoe weet je dan welke link de informatie bevat die jij nodig hebt?

Dat moet een dilemma zijn voor hypochonders. Mensen met hypochondrie lijden aan een overmatige angst om een ernstige lichamelijke ziekte te hebben, terwijl dit uit medisch onderzoek niet blijkt. Een hypochonder verzint niets, zijn symptomen zijn er echt, alleen de interpretatie er van slaat op hol. Zo wordt een hoestje longkanker, een tranend oog een voorbode van blindheid en spierpijn is vast en zeker reuma.  Als de dokter de patiënt onderzoekt en geruststelt, zal de patiënt er van overtuigd zijn dat de dokter iets over het hoofd gezien heeft.

En natuurlijk is het internet dan een geweldige hulp bij het op hol laten slaan van je gedachten. Want de hoeveelheid informatie die je over allerlei lichamelijke klachten kunt vinden, is enorm. Veel goede informatie, waar iedereen zijn voordeel mee kan doen. Maar iemand met hypochondrie zal de passages over onschuldige vormen  van hoofdpijn niet onthouden. Dat stukje waarin staat dat hoofdpijn ook wel eens voorkomt als gevolg van een tumor onthoudt hij wel. En dan ontstaat angst – ik zal toch geen hersentumor hebben?

Ook mensen die niet aan hypochondrie lijden, zullen dit wel herkennen. Want uit een onderzoek naar de ‘Stelling van de Dag’ van de Telegraaf in maart 2009 blijkt dat 58% van de respondenten bij ziekte gaat surfen of in een medisch handboek kijkt. Maar liefst 36% van deze informatiezoekers vertelt de dokter bij het eerste bezoek wat hij zelf denkt te hebben. En 50% van deze mensen denkt ook nog eens minstens zo goed de symptomen te kunnen verklaren als de dokter (de andere helft denkt wel dat de dokter er meer van weet).  Wat een vertrouwen in Google!

Toch is enige hypochondrie bij het stellen van een diagnose via internet wel op zijn plaats. Immers, iedereen die dat wil kan van alles en nog wat op het internet zetten. Dus wees lekker een beetje bang bij het zoeken – bang dat de informatie niet klopt. En bij een griepje – gewoon lekker je bed in en computer uit!

bed

Lekker onder de wol (foto genomen in Stadsmuseum in Hjo, Zweden)

Categorieën: gezondheid · werking van het brein
getagged: , ,

Dik worden van sport op TV?

maart 18, 2009 · Laat een reactie achter

Met de goede voornemens voor het nieuwe jaar – meer bewegen en gezonder eten –  nog vers in het geheugen, lees ik een opmerkelijk bericht in het NRC. Advertentiecampagnes die mensen moeten aansporen om meer te gaan bewegen, blijken een onbedoeld neveneffect te hebben: mensen gaan er meer van eten!

In een onderzoek moesten studenten advertenties beoordelen op hun verwachte effectiviteit. De ene helft kreeg advertenties waarin wandelen of sportschoolbezoek gepromoot werd, de andere helft beoordeelde advertenties die aanspoorden tot het maken van vrienden of sociaal te zijn. Na het bekijken van de advertenties kregen alle studenten een bakje rozijntjes. Resultaat? Degenen die de sportcampagne hadden beoordeeld aten gemiddeld 7 gram rozijnen, terwijl degenen die de sociale campagne bekeken slechts 4,5 gram aten.

De onderzoekers denken dat er twee mogelijke verklaringen zijn. De eerste zou zijn dat woorden die met activiteit te maken hebben, mogelijk de behoefte oproepen om te bewegen. Eten zou die behoefte kunnen vervullen als voor de hand liggende ‘beweging’. De tweede verklaring die de onderzoekers geven is dat mensen onbewust ter compensatie gaan eten als het concept ‘energieverbruik’ in hun hersenen geactiveerd raakt.

De laatste verklaring lijkt mij persoonlijk het meest plausibel. Bekend is dat je veel bewegingen kunt trainen door er alleen maar aan te denken. Dus waarom zou het ‘in je hoofd bewegen’ dan ook geen hongergevoel kunnen oproepen?

kroket

Heb jij al zin in een kroketje?

Natuurlijk kun je je dan afvragen wat de risico’s zijn van het sport kijken op TV… grijpen  we dus niet alleen uit gewoonte naar de chips en nootjes, maar krijgen we daadwerkelijk honger van het in ons hoofd meedoen met de sporters op TV?

Categorieën: gezondheid · werking van het brein
getagged: , , ,

Als praten geld kost…

maart 1, 2009 · Laat een reactie achter

Afgelopen week verzorgde ik een workshop over vergaderen voor het Graafschap College. In de workshop ging het vooral om wat je zélf kunt bijdragen aan een efficiënte en effectieve vergadering. Want een goede vergadering is geen vanzelfsprekendheid…

Ik vroeg de deelnemers aan de workshop naar hun grootste vergaderergernis. Met stip op nummer één: de te lang durende vergadering. Verder ergerde men zich aan afspraken die niet nagekomen worden, mensen die herhalen wat een ander al  gezegd heeft en discussies die alle kanten op gaan. Ook een discussie voeren over iets, waarvan na afloop blijkt dat het besluit allang genomen is, wordt niet gewaardeerd.

Heel herkenbaar, ongetwijfeld, maar wat doe je er aan? Natuurlijk, een goede voorzitter is een must. Eentje die niet alleen inhoudelijk de discussie leidt, maar ook durft in te grijpen bij lange monologen en oog heeft voor de ’stillen’. Ook een agenda is broodnodig. Op een goede agenda staat niet alleen over welke onderwerpen gesproken wordt, maar ook hoeveel tijd er voor elk onderwerp is gereserveerd én met welk doel een bepaald topic wordt besproken. Want het maakt een groot verschil of je over een personeelsuitje gaat brainstormen of dat je een beslissing gaat nemen over welke nieuwe lesmethode aangeschaft gaat worden.  Allemaal open deuren, al zijn ze in de praktijk niet altijd zo vanzelfsprekend.

Maar, zoals gezegd, wat kun je nu zelf – als je geen voorzitter bent – bijdragen? In de workshop heb ik de deelnemers laten ervaren hoe het is om bewust te praten. En ook bewust niet te praten. Want een belangrijke reden voor de nummer één vergaderergernis – ze duren te lang – is dat mensen vaak maar blijven praten. Tóch even aangeven dat je het eens bent met de vorige spreker, maar nog wel met een eigen aanvulling. Tóch nog even het zojuist genomen besluit in twijfel trekken. Het gebeurt!

In de workshop hebben de deelnemers een discussie gevoerd met ‘praatgeld’, kaartjes die bij elke uitspraak ingeleverd moesten worden. Dus praten is betalen en als je geld op is, mag je niet meer praten. Natuurlijk is het in de setting van een workshop altijd wat gekunsteld, maar toch bleek duidelijk het effect. Men werd zich meer bewust van de ‘kostbaarheid’ van hun inbreng en zei alleen nog iets als er werkelijk iets te zeggen viel. Sommigen begonnen strategisch een kaartje achter te houden, om aan het eind nog iets te kunnen zeggen. En iedereen luisterde ineens naar elkaar!

vergaderen

Misschien een leuk ideetje voor de Haagse vergadertijgers: betalen om te praten

Categorieën: groepsgedrag
getagged: , , ,

Strippen of chippen

februari 2, 2009 · Laat een reactie achter

‘Consumentenbond vreest chaos in het openbaar vervoer’ , ‘Begrijpen nieuwe kaart vereist universitaire opleiding’, ‘Bejaarden in de problemen’ – nee hoor, dit gaat niet over de invoering van de OV-chipkaart, maar over de invoering van de strippenkaart in 1980, zo schrijft het AD begin deze maand. Niks nieuws onder de zon dus. Toen waren we bang voor de strippenkaart, nu zijn we bang voor de OV-chipkaart. Het moet gewoon even wennen. Zoals we ook ooit moesten wennen aan geld halen uit de muur in plaats van aan de balie in de bank, of bellen met druktoetsen in plaats van een draaischijf en later zelfs mobiel.

trein

Straks geen treinkaartje meer, maar gewoon even chippen

Waarom reageren mensen zo op iets nieuws? Waarom omarmen we de nieuwe mogelijkheden niet en houden we vast aan het oude? Dat komt omdat we routines hebben, vaste gewoontes. Een vaste manier om bepaalde dingen te doen. Saai? Nee hoor, noodzakelijk zelfs. Stel je voor dat je elke dag weer moest bedenken wat je voor je ontbijt wilt en hoe lang je zal gaan douchen. Of elke keer weer moet uitvinden hoe je zorgt dat de aardappels even snel klaar zijn als de groente. Of wat je ook al weer allemaal moet doen bij het wegrijden – gordel om, autoradio aan, licht aan, spiegels checken, richting aangeven…

Mensen hebben routines nodig om hun weg te vinden in het dagelijks leven. Handelingen als fietsen, autorijden, je haar wassen en dergelijke worden ingesleten, je hoeft er niet meer bij na te denken. Dat spaart een hoop tijd en laat ruimte over om te reageren op afwijkende gebeurtenissen en nieuwe dingen te leren. Behalve dat routines ons dus efficiënter laten operen, zijn we persoonlijk ook erg gesteld op onze routines. Kijk maar eens om je heen op de camping: binnen de kortste keren hebben we een vaste routine, waarbij we ’s ochtends brood halen bij dat leuke bakkertje en ’s middags altijd op dat ene terrasje neerstrijken voor een colaatje. Liefst aan hetzelfde tafeltje natuurlijk.

Veranderingen die onze routines doorbreken, zijn daarom niet welkom. We moeten weer een nieuwe routine gaan opbouwen en dat kost tijd en moeite. De introductie van de OV-chipkaart gaat ook nog eens gepaard met een hoop politiek geharrewar en twijfels aan de betrouwbaarheid, wat de overstap nog moeilijker maakt. Een daadkrachtige en goed geplande introductie zou het voor ons gewoontediertjes veel gemakkelijker hebben gemaakt.

Categorieën: maatschappij
getagged: ,